door Marc Appels
De kweek van marihuana onder lampen in kleine, afgeschermde en vaak geheime ruimtes heeft in Nederland een enorme vlucht genomen. Ondanks het bij tijd en wijle enorme aantal arrestaties en ‘ontruimingen’ moet je constateren dat het kweken op zolders, in kelders en in schuren vrolijk doorgaat. Het lijkt wel alsof iedereen tegenwoordig iemand in de straat, in de familie of om de hoek kent die het doet of gedaan heeft, of die letterlijk ‘tegen de lamp is gelopen’… ![]() De spullen om lampenwiet te produceren zijn volledig legaal te koop bij de zogenaamde growshops. De lampen én de zaden, maar ook voedingsstoffen, filter - en afzuigsystemen, en hydro-units voor teelt op puur water met voedingsstoffen: zo’n beetje alles wat de lampenwietteler nodig heeft is eenvoudig verkrijgbaar. Er zijn tegenwoordig zelfs kant en klare tentjes met een lamp voor 5 plantjes (de hoeveelheid die je zelf mag verbouwen) te koop. De vijf planten staan rondom een lamp, en deze groeilamp draait in vierentwintig uur tijd een maal rond. Zo krijgen alle vijf de planten hun dag en nacht. Eens in de twee dagen de voedingsstoffen bijvullen, rits dicht, tien weekjes wachten, et voila: oogsten maar! Geen harddrug
In mei 2009 wist het ANP te melden dat nederwiet geen harddrug is. De wijze mannen van het Rijks Instituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) hadden namelijk gedegen onderzoek gedaan en onomstotelijk vastgesteld dat de effecten van wiet op de gebruiker niet zo ernstig zijn dat het middel als harddrugs moet worden beschouwd. Maar is dat onderzoek wel echt zo gedegen? Want over welke soort wiet gaat het eigenlijk? Heeft het RIVM misschien abusievelijk ‘gewone’ nederwiet onderzocht, in de veronderstelling dat dat hetzelfde is als lampenwiet? In dat geval moet je hun conclusies toch echt in twijfel trekken - iets wat ik overigens ook zonder hun onderzoek al doe. Lampenwiet is namelijk heel iets anders dan nederwiet. En nederwiet is geen kemp. Hennepplant
Met de komst van de wiet kwam ook het eerste misverstand. Nederland kent van oudsher de hennepplant, een inheemse plant die gebruikt werd en wordt voor de productie van touw. Het zaad wordt kempzaad genoemd en wordt bij vogelzaad gemengd om vogels (vinken!) beter te laten zingen. Ze worden dan als het ware ‘high’ en fluiten dan stukken beter en vrolijker. Maar het THC-gehalte van onze inlandse hennep (THC is de werkzame stof in alle cannabisproducten) is veel te laag om tof te zijn. De eerste Nederwiet is dan ook niet ontwikkeld uit zaad van onze eigen plant, maar uit zaden van buitenlandse weed. Oorspronkelijk afkomstig van rond de evenaar dus, maar ‘doorgekweekt’ om buiten in Nederland te kunnen verbouwen. Genetische manipulatie
Eigenlijk gebeurde er met de marihuana hetzelfde als vroeger met de appelbomen. De ouderwetse buitenplant was veel te groot om op allerlei zolderkamertjes onder een lamp te zetten. Net als met de appelbomen (die vroeger grote bomen waren en niet van die mini-groeisels die je tegenwoordig in de boomgaarden ziet) is er bij de cannabis een ‘kortstammige’ soort ontwikkeld. Daarnaast vond een aantal mensen dat de oude buitenplant veel te weinig THC bevatte. En als je toch al bezig bent met modificeren… Via genetische manipulatie werd het aantal meeldraden verveelvoudigd, met als resultaat een veel sterker eindproduct. De lampenwietsoorten kenmerken zich dus door een veel kleinere plant die tien tot vijftien (!) maal zoveel THC bevat dan de originele buitensoorten. Oude hippies
Lampenwiet is een explosief mengseltje. Oude hippies weten dat wel: de meeste blowers boven de veertig roken het spul niet. ‘Te heftig’ is hun commentaar. ‘Wordt je knettermaf van’, is ook een veelgehoorde kreet in de ervaren blowerskringen. Deze mensen blijven liever bij hun buitenwietje of vertrouwde stuffje. Ook de hulpverleners in Nederland trekken al ruim tien jaar aan de bel. Medici, psychiaters, drugtherapeuten en afkickexperts: zij allen spreken hun zorgen uit over het gebruik van THC. In wat voor vorm dan ook. Het is echter niet duidelijk of in hun onderzoeken een aparte visie op lampenwiet vooraf geïnstalleerd is. De vele problemen (zie noten) die zij beschrijven aangaande het gebruik van THC wijzen in mijn visie op het gebruik van lampenwiet, van hoge doses THC dus. Bovendien hebben de mensen die zich bij hulpverleners melden - of die door hulpverleners gevonden worden - vaak al forse problemen. Op het moment dat blijkt dat ze blowen, wordt dat – terecht – natuurlijk gelinkt aan hun probleem. Maar geen van de onderzoekers stelt vervolgens de vraag wat ze blowen, welke soort wiet of stuff. Wettelijke regeling
In het geval van alcohol (’s werelds meest geconsumeerde drugs) is wettelijk geregeld dat het alcoholpercentage op de verpakking of fles moet staan. Er kan dus een duidelijk onderscheid worden gemaakt naar sterkte, en niet alle categorieën alcoholische dranken mogen aan bepaalde leeftijdsgroepen worden verkocht. En terecht, want sterke drank is in mijn visie ook een harddrug! Hoe lang moet het nog duren voordat een dergelijke wettelijke regeling ook wordt toegepast op THC, op cannabisproducten dus? De discussie over wel of niet harddrugs kan dan worden opgehangen aan het percentage, en een eventuele indeling of tweedeling kan worden gebruikt bij een (gereguleerde en gecontroleerde) verkoop. Tot hoeveel procent THC is wiet softdrugs en op welk punt wordt het harddrugs: dat is de vraag die snel beantwoord dient te worden door overheid, hulpverlening en experts. |