Echt wel de schôônste stad van ’t laand
door Jack Mommers
Nondeju zeg, won Tilburg me daar de afgelopen week nét niet de prijs voor de ‘Beste binnenstad van Nederland’. De eer ging dit jaar helaas naar Eindhoven. Eind-ho-ven ja, vat u het? Ik persoonlijk voor geen meter. Want zeg nou zelf, Tilburg is toch zekers de schôônste stad van heel ’t laand?
Echt wel. Dat merk je als bezoeker al als je ons knusse station uitkomt. Dat kan alleen aan de zuidkant, dus de verkeerde kant opgaan (zoals bijvoorbeeld in Eindhoven) kán gewoon niet. Recht tegenover het station zie je meteen die prachtige, uitnodigende Stationsstraat - een blinde ziet nog dat dit de poort naar het kloppend hart van ons bruisende centrum is. Niet voor niets wordt het station ondanks jarenlange discussies niet verplaatst richting NS-plein, da’s toch ook helemaal nergens voor nodig? Bovendien zou dat ten koste gaan van het magnifieke houten kunstwerk dat daar voor het viaduct staat. Nóg zoiets waar men in Tilburg een meer dan prima oog voor heeft – kijk bijvoorbeeld maar eens op de Hasseltrotonde!
Maar vooruit, we hebben het over het centrum. Wie vanaf het station niet wil lopen heeft mogelijkheden te over: rechts ons hypermoderne busstation, links tientallen rijen met vele duizenden fietsen om te jatten. Vervolgens gaat het over de nieuwe Cityring met de klok mee richting centrum. Ook weer zo’n weldoordachte stadsvernieuwing, die ring. Ja, wie vanuit de grote Appie Heijn terug moet naar Oud Zuid, of van Broekhoven naar het NS-plein of D’n Besterd, die moet even een stukske omrijden, maar da’s toch zekers geen bezwaar? Nee man, dankzij dat rondje Cityring kun je juist keer op keer van al die verrukkelijke Tilburgse hoogtepunten genieten. De Katterug, de vogelkooikes op D’n Stadsheer, het prachtig bespiegelde oude Postgebouw aan de Spoorlaan, het zo resoluut in ere gehouden Midi Theater, en niet te vergeten natuurlijk onze wonderschone Heuvel zelf.
Die Heuvel kun je sinds de Oude Linde de geest gegeven heeft weer in volle glorie aanschouwen. Want door dat stalen skelet boven de ingang van de fietskelder kun je héén kijken, hoe briljant is dát? Net als door de overdekte wandelgang op het Koningsplein, ook al gaat die nergens naartoe. En eigenlijk ook wel door de McDonald’s op het Piusplein, als je dicht genoeg voor de ramen gaat staan. Open pleinen, dat vinden wij in Tilburg maar verspilling, net als grote bomen en ongekunsteld groen. Nee, dan het nieuwe Pieter Vredeplein, dát is nog eens een staaltje van functionele stadsplanning. Strak, rechttoe rechtaan, links en rechts een verplaatsbaar plantenbakje: geen smerige bladerzooi en gemakkelijk schoon te houden. Briljant!
Dé boulevard van het centrum is uiteraard de Heuvelstraat, onlangs nog helemaal opnieuw geplaveid. En kijk daar ook eens naar boven: wat een schitterende historische gevels! Onze plaatselijke middenstand viert er hoogtijdagen, en dat koesteren we. Zo wisten we een grote, op Amerikaanse leest gestoelde Mall mooi buiten de regiogrenzen te houden. Zo’n mega winkelcentrum zou natuurlijk ten koste van de binnenstad gaan, en ons mooie, moderne centrum is heilig, daar moeten ze met hun tengels vanaf blijven. Opzouten met die Mall!
En tóch ging Eindhoven aan de haal met de prijs voor de beste binnenstad. Onbegrijpelijk. Maar ik weet ondertussen wel hoe dat zit hoor: ze hebben de jury omgekocht met een flinke buil Philips-centen. Krek zo is ’t. Ze doen maar daar in dat Lampegat. Tilburg is en blijft toch de schôônste stad van heel ’t laand...